De zin en onzin van loslaten
Een gesprek tussen Pien en Rob aan de keukentafel
Pien: Herken je dit? Dat je iets heel graag wilt? Je verlangt naar liefde, verbinding en geluk en tegelijkertijd ben je daar zo krampachtig mee bezig dat het niet lukt. Dat er zelfs een tegenreactie komt. En je verder van elkaar of van je verlangen verwijderd raakt.
Rob: Ja, zeker. Soms zit het in bijvoorbeeld een workshop die ik in de planning heb en heel graag wil geven. En soms ook in gezien worden door of in verbinding zijn met bepaalde mensen.
Pien: Ik heb een tijdje gedacht dat ik een andere modus kon vinden voor loslaten: anders vasthouden.
Rob: Anders vasthouden?
Pien: Ja. Minder krampachtig. Meer ontspannen.Bijvoorbeeld bij de kinderen. Alsof ik dan niet echt hoefde los te laten. Maar als ik er nu naar kijk, denk ik: ik heb toch ook echt los te laten. Anders blijf ik maar vasthouden. Blijf ik tegen de stroom in zwemmen.
Rob: Oh zo. We doen dit vasthouden wel allebei op een heel andere manier.
Rob: Ik ben geneigd vooruit te denken. Dingen logisch te maken. Wat kan er gebeuren, wat hebben we nodig, hoe pakken we het aan? Dat geeft mij houvast.
Pien: En mij geeft juist het gáán vaak houvast. Ik wil het ervaren. Gewoon beginnen en onderweg kijken wat er gebeurt. Ik ben meer van buiten de lijntjes kleuren.
Rob: Dat betekent niet dat ik alles wil controleren.
Pien: Nee, dat is ook niet hoe ik het zie. Jij probeert dingen begrijpelijk en overzichtelijk te maken. Dat geeft veiligheid.
Rob: Precies! En vanuit die veiligheid kan ik het loslaten.
Pien: Ja. Dat vind ik interessant. We hebben het vaak over loslaten alsof vasthouden het probleem is. Maar misschien heb je juist iets nodig om je aan vast te houden om ruimte te kunnen maken.
Rob: Dat zagen we ook tijdens onze fietstocht naar Vézelay.
Pien: Ja. We hadden bijna duizend kilometer voor de boeg en natuurlijk wisten we niet precies hoe iedere dag zou verlopen.
Rob: Maar we hadden wel onze fietsen, onze spullen, een route en elkaar.
Pien: En daarmee konden we onderweg steeds meer loslaten. We hoefden niet te weten waar we die avond precies zouden slapen. We hoefden niet iedere dag hetzelfde aantal kilometers te fietsen. Soms ging het makkelijk, soms was het afzien.
Rob: En soms was het verstandig om vast te houden aan een plan.
Pien: Haha, of juist om het plan los te laten.
Rob: Misschien is dat wel de kern. Loslaten is niet hetzelfde als alles maar laten gebeuren.
Pien: Nee. En ook niet: ik moet nu eindelijk eens leren loslaten.
Rob: Misschien is de vraag eerder: waar houd je aan vast om los te kunnen laten?
Pien: En wat levert dat vasthouden je op? Veiligheid, rust, overzicht, vertrouwen?
Rob: En wanneer wordt het vasthouden te veel?
Pien: Wanneer het je klein of groot houdt, of een ander klein en dichtbij. Als je constant voor iedereen aan het zorgen bent. Of wanneer je iets blijft dragen wat niet van jou is.
Rob: Dat laatste vind ik belangrijk. In ons systemisch werk kijken we ook naar waar je mee verbonden bent. Soms houd je iets vast wat te maken heeft met je ouders of eerdere generaties. Met pijn, verlies of gebeurtenissen die je misschien helemaal niet bewust kent.
Pien: En dan kun je wel zeggen: laat het los, maar zo werkt het niet.
Rob: Nee. Eerst zien wat er speelt. Waar je mee verbonden bent. Wat van jou is en wat bij de ander hoort.
Pien: Dat doet me denken aan een gesprek dat ik laatst met mijn moeder had. We hadden het over kinderen loslaten. Ik vroeg haar hoe zij daar eigenlijk naar kijkt.
Rob: En ze was heel resoluut?
Pien: Heel resoluut. Ze zei: “Dat kan toch helemaal niet. Ze zijn en blijven altijd je kinderen en jij blijft hun ouder.”
Rob: Daar zit ook iets moois in.
Pien: Ja. Ze vertelde dat ze hier ook met haar vriendinnen over praat. Hun kinderen zijn inmiddels 50- en 60-tigers en toch blijft de zorg. Zeker als er ziekte komt. De vorm verandert, maar de verbondenheid blijft.
Rob: Dus misschien hoef je sommige dingen helemaal niet los te laten.
Pien: Nee. Misschien gaat het er soms om dat je een andere plek inneemt. Dat je niet meer doet wat vroeger nodig was.
Rob: En dat je vanuit die plek kunt blijven verbinden. Misschien steeds wel op een andere manier. En dat je loslaat dat je precies weet hoe dan.
Pien: Dat vind ik eigenlijk veel mooier dan loslaten.
Rob: En toch blijft het woord wel ergens staan.
Pien: Ja. Want sommige dingen wil ik echt loslaten.
Rob: Ik ook.
Pien: Alleen niet voordat ik heb gekeken waarom ik ze vasthoud.
Rob: En wat ze je opleveren.
Pien: Misschien is loslaten dus niet het tegenovergestelde van vasthouden. Het heeft dus zin én het is onzin.
Rob: Zodat je daarna de ruimte hebt om iets anders te doen, te proberen.
Pien: Of gewoon even niets te doen.
Rob: Dat zou voor ons allebei nog wel een oefening kunnen zijn.
Meer uit je relatie halen
Samen onderzoeken wat er gebeurt in de chemie tussen jullie tweeën, waar twee mensen elkaar ontmoeten. Patronen worden inzichtelijk en een nieuw perspectief ontstaat. Van daaruit kun je het op een andere, nieuwe, manier met elkaar aangaan.
Hoe kunnen wij jullie helpen?
